top of page

Liftlat: "Je hangt aan een paar lijntjes — dan voel je dat je leeft"

Foto van schrijver: Erik de Vlieger
Erik de Vlieger
53 minuten geleden
5 minuten om te lezen

BASSANO — Mensen inspireren en verder helpen zit Jacqueline in het bloed. Ik maakte met haar kennis tijdens een van mijn eerste vliegweken. Als een moeder gans hing ze boven me en ik voelde me haar kuiken dat maar niet omhoog kwam. Toen hoorde ik over de radio haar warme stem — kordaat en vastbesloten. Ik kreeg instructie iets naar de kam te vliegen, daar te draaien, te draaien, en langzaam kroop ik veilig naar haar toe. Ik vloog achter haar aan en het voelde vertrouwd. Deze gymlerares is niet alleen een goede piloot maar ook een inspirator. Daarom vroeg ik haar voor deze Liftlat. Want na jaren ontmoet ik haar weer in Bassano, tijdens de vliegweek van Eurofly.


Jacqueline Homveld 

Leeftijd: 63 jaar

Beroep: Gymlerares, Amsterdam Zuidoost

Vliegclub: Laffe Tekkels / Airtime / Eurofly

Woonplaats: Amsterdam Noord, Tuindorp Oostzaan



Wanneer begonnen met vliegen?

"In 1993. Ik kende toen net mijn man Edwin. We waren in Frankrijk bij de Dune du Pilat. Ze waren daar heel relaxed aan het duinvliegen. Edwin deed al aan deltavliegen, maar dat was veel gedoe — de delta moet je steeds opbouwen en afbouwen. Paragliden leek me praktischer en makkelijker te leren. De sport was nog in een beginstadium. Je had nog blauwe armen van het opzetten, je zat op een plankje en een reserve bestond nog niet.

Het was op de Maasvlakte bij Henk Timmermans dat we aan de lier gingen. Daarna gingen we de bergen in met zijn vrouw Pien. In de bergen werden we snel losgelaten bij Chamoux. Bij de eerste start zie je de landing niet — na de start moest je door de kloof en dan rechtsaf. Pien stond op de landing, bij de boom moest je zijn. Of we nou veel geleerd hebben, dat niet, maar het was geweldig. Ik heb nachten gedroomd om te gaan vliegen, nachten wakker gelegen van de nieuwsgierigheid en het enthousiasme. In het begin is het heel speciaal — na tien jaar wordt het wel gewoner."

Hoe vaak vlieg je?

"In de meivakantie twee weken en in de zomervakantie vier weken, maar niet elke dag. Edwin vlieg niet meer, dus we doen ook andere dingen. En vaak nog een keer in oktober."


Mooiste vlucht?

"Dat zijn er veel, maar de laatste was in de meivakantie in Greifenburg. Strak blauw, harde thermiek, tot 3500 meter gevlogen — en dan zie je dat landschap breder worden, je ziet steeds meer. Het wordt wel kouder. Ik heb Lienz net niet gehaald, ik durfde niet over de hoogspanningslijnen. Toen zijn we teruggevlogen, naar de Weissensee en achter langs. Ik vond dit zo mooi. Eén heftige bel, het ging hard, maar als je die hoogte eenmaal hebt wordt het zo makkelijk. Het is een fijn vlieggebied — je kan er makkelijk lange afstanden maken, je kan overal landen en er is een treintje dat je terugbrengt. Ik ken het gebied goed en dat geeft zelfvertrouwen. Ik wil altijd eerst de kat uit de boom kijken, zien wat de locals doen. Als ik een gebied ken geeft dat wel meer rust, zeker nu ik wat ouder wordt."


Langste vlucht?

"Lac de Serre-Ponçon. Ik pakte de hoogste startplek — dat is twee liften en een stuk lopen. Daar ging alles omhoog. Een mooie vlucht over het meer, de hele ridge af, drie uur lang. En toen moest ik plassen en vond ik het wel genoeg."


Grootste angstmoment?

"In het begin was het de plek bij Saint-André. Het was heel thermisch — dat betekent: ochtend of avond vliegen. Edwin vloog 's ochtends, dus ik 's middags. Het waaide en het was super thermisch. Ik stond te wachten en te wachten. Het was al 19.00 uur en het werd al wat donkerder. Ik moet nu gaan, dacht ik — maar ik ging tegen mijn gevoel in. Ik werd meteen in de bel een paar meter omhoog geschoten en ik stond nog in mijn achterwaartse startpositie. Toen ben ik aan één kant gaan remmen en viel ik naar beneden op de leisteen. Een Duitse vrouw schoot te hulp en vroeg: gaat het? Ik voelde niets en zei: ja hoor, ik ga zo nog een keer. Maar die vrouw keek naar mijn been en zei: dat kan je beter niet doen. Ik had veertien hechtingen buiten en elf van binnen. Een flinke wond. Toen dacht ik: jezus, waarom doe ik dit. Daar heb ik van geleerd — je moet echt luisteren naar je buikgevoel en je intuïtie. Als ik nu denk dat het niet goed voelt, ook als het heel druk is, dan doe ik het niet.

Twee jaar terug had ik in Feltre ook een enorme inklapper waarbij mijn scherm onder me zat en ik net langs mijn lijnen door viel. Het heeft best tijd gekost voordat het vertrouwen weer terugkwam. Het was in het najaar, heel rustig, mensen vlogen vrolijk in de rondte — het kwam uit het niets. Ik vlieg altijd heel actief, gelukkig kwam ik wel uit de rotatie die daarop volgde. Maar daar heb ik wel een tijdje last van gehad."


Favoriete vliegstek?

"Omdat we elk jaar in Greifenburg komen en het vertrouwd voelt neig ik daar naar, maar qua uitzicht vind ik Le Grand Bornand misschien nog wel mooier. Prachtig uitzicht, je kan er mooie rondjes maken en de liften zijn heel praktisch — vanuit de camping loop je naar de lift en er rijdt een gratis bus terug naar de landing. Ruige en mooie bergen, een klein dorpje, sfeer — top."


Favoriete scherm?

"Swing Arcus RS nr. 2, een iets verbeterde versie. Het is een midden-B. Hij geeft genoeg informatie — ik wil geen supernerveus scherm. Ik voel genoeg. Hij is wel wat langzamer dan een hoog-B of een 2-liner. Soms is dat onhandig als ik met een groep meevlieg, dan loop ik wat achter. Maar ik doe geen wedstrijden. Bij een oversteek kan dat wel lastig zijn."


Favoriete harnas?

"Advance Lightness 3. Ik zit er lekker in. Ik kocht hem bij Ayke — hij probeerde hem af te stellen maar hij zat meteen goed. In het vroege voorjaar zit het warm, heb ik minder last van de blaas en kan ik langer vliegen. Beter dan een zitharnas. Hij pendelt wel — gisteren op de Panatone met die westwind kostte het meer energie. Als het turbulent is raak je wel wat vermoeider, om het met je lichaam op te vangen."


Vliegdoel?

"Colombia of de Himalaya, maar dan moet ik wel met pensioen zijn — ik geef les en zit vast aan de schoolvakanties. Een andere wereld en een andere cultuur lijkt me leuk."


Welk gevoel brengt paragliding?

"Uitdaging, vrijheid, alles wat met natuur en wind te maken heeft vind ik leuk. Ik zeil ook veel, ik heb een eigen boot, en ik pak graag de kano. Het is en blijft spannend — je hangt aan een paar lijntjes. Dat evenwicht, je voelt dat je leeft. Ook als het niet leuk is in de lucht en je blij bent dat je aan de grond staat, denk je daarna: had ik niet langer moeten blijven? Kleine stapjes maken, die uitdaging die blijft — je kan blijven groeien."


Tip?

"Luister altijd naar je intuïtie, je buikgevoel. Als je op de start staat en denkt: tja, ik zit hier al de hele dag voor niets te wachten, ik probeer het maar — of: dat onweer blijft nog wel even weg. Niet doen. Het is het niet waard. Er gebeuren altijd dingen die je niet kan inschatten. Maar als je beter luistert naar je gevoel, vlieg je veiliger."


In memoriam Edwin Nedermeijer18 februari 1960 – 30 september 2026

Met verdriet hebben we gehoord dat Edwin Nedermeijer op 30 september is overleden (de man van Jacqueline), hij kampte met ernstige gezondheidsproblemen. Edwin was een vertrouwd gezicht in de Nederlandse vliegwereld: eerst als deltavlieger, later samen met zijn vrouw Jacqueline aan de paraglider. Sinds 1993 trokken ze er samen op uit, de bergen in. Velen van ons kennen hem van de vliegweken, van zijn Amsterdamse humor en van zijn bulderlach op het terras na een vliegdag.

We wensen Jacqueline, familie en vrienden veel sterkte bij het verwerken van dit verlies.

Namens de redactie van Lift Paragliding




 
 
  • Facebook
  • YouTube
  • TikTok
KNVvL_Paragliding_RGB-2.png

©2025 KNVvL afdeling Paragliding

bottom of page